Manu Riche over Problemski Hotel

Manu Riche

Problemski Hotel is de debuutspeelfilm van de Belgische regisseur Manu Riche (Antwerpen, 1964). Het gelijknamige boek van Dimitri Verhulst, uit 2003, speelt in een asielzoekerscentrum. Interview met de regisseur.

Manu Riche is in België een gekende documentairemaker. In de jaren negentig van de vorige eeuw was hij lid van het team achter Strip-Tease, een spraakmakend programma dat achteraf als een voorloper van reality tv kan worden gezien. In de docu-reeks Hoge Bomen portretteerde hij machtige mensen. Zijn eerste documentaire voor het grote scherm viel in België gelijk op, een filmportret van de Belgische koning, Boudewijn de eerste.

Van meer recente datum zijn Can a Man Change the City, over Tom Barman, voorman van rockgroep dEUS, en Snake Dance , de internationaal met applaus ontvangen documentaire over de uitvinding van de atoombom en de consequenties voor de wereld van nu. Problemski Hotel is zijn eerste fictie-film. Die toont asielzoekers als personages, niet als probleem.

Het ‘hotel’ is een (in meerdere betekenissen) fantastische setting voor een absurdistisch drama over identiteit en menselijkheid. Hoofdpersoon Bipul weet niet wie hij is of waar hij vandaan komt, maar hij spreekt meerdere talen; hij maakt zich gedienstig aan de overige asielzoekers als raadgever of tolk. Lidia is een nieuwe immigrante uit een voormalige Sovjetrepubliek. Tussen de twee ontstaat een schutterige romance.

De film is een week eerder uitgegaan in België. Hoe is de eerste respons?

“Er is veel respons. De aandacht voor de film is groot. Hij draait in het arthouse-circuit.”

Bent u iemand die kritieken leest?

“Ja, toch wel. Het is typerende voor deze film dat de reacties zwart en wit zijn, en niet grijs.”

Iedereen ziet zijn eigen vooroordelen in de film bevestigd?

“Nee, wat ik bij de negatieve respons zie is dat ze er niet in stappen. Dat komt door het soort van film en de inhoud. Er zijn mensen die raar opkijken dat we op deze manier over de problematiek praten.”

Op de set van Problemski Hotel

Het interessante is dat je ook tegen de film kunt aankijken als een kerstsprookje of als een liefdesverhaal dat zich afspeelt in een azc.

“Ja, het is een kerstfilm. [Moet lachen.] Het is zelfs een kerstfabel. Voor mij was dat altijd de bedoeling. Ik ben nooit bezig geweest met de problematiek rond asielzoekers. Het is toeval dat we er nu in zitten. Natuurlijk formuleert de film een commentaar op het gebeuren, maar tegelijkertijd neemt de film ook afstand van het gebeuren. Daarom heb ik er een fictiefilm over gemaakt [en geen documentaire]. Omdat ik die afstand wou. De fictie gaf mij de mogelijkheid om anders om te gaan met de realiteit.”

De locatie is Brussel, maar het had willekeurig elke andere stad kunnen zijn. Het gebouw waarin de film zich afspeelt is zo’n archetypische modernistische kantoorkolos. In het boek is dat anders. U heft met opzet voor zo’n vervreemdende locatie gekozen?

“Heel erg met opzet. In het boek staat die opvang in een dorp op het [Vlaamse] platteland. Ik wou het naar de stad brengen, maar ook in de hoogte brengen. Ik wou die plek portretteren als een ufo boven de stad, waardoor de locatie in contact en tegelijkertijd niet in contact is met de omgeving. We hebben gezocht naar zo’n plek en ik heb een aantal van dat soort torens gevonden. Deze locatie had dan ook nog het voordeel dat het immens was. Het is gebouwd met neutrale, maar ook heel rijke materialen. Die zaal van de slotscène is rijk belegd met marmer. Dispropertioneel zelfs, het klopt niet. Al die elementen om het niet te doen kloppen waren voor mij heel belangrijk.”

Ik zag een trap van hout …?

Het gebouw is eigenlijk een bouwwerf. Er wordt gewerkt. De trap is ingepakt met hout, hij wordt beschermd. Als de filmpersonages naar buiten, de mtero in, zie je dat dat ook een bouwwerf is. Eén van de dingen die ik zocht is dat niets definitief was.”

Als inwoner van Amsterdam kan ik dat heel goed begrijpen.

“In Brussel is het nog veel erger.”

Het interessante van de locatie is: het is een schemerzone. De gemoedstoestand van de mens in overgang.

“Van de mens in het algemeen. Uiteindelijk zijn we allemaal in transitie. De film gaat over mensen die wachten op een soort van bestaan. In wezen weet niemand wat zijn bestaan gaat zijn. We zijn allemaal aan het wachten.”

Door omstandigheden komt u film uit na ‘Parijs’ en ‘Keulen’. Is dat een voordeel of een nadeel?

“Ik zou zeggen dat het een nadeel is, maar tegelijkertijd: elk nadeel heb zijn voordeel. Het is een nadeel omdat mensen zoeken naar antwoorden en mijn film biedt geen antwoorden. Hopelijk wel een aantal vragen. Misschien is dat wel goed, want ik denk dat we eerst heel veel vragen moeten gaan stellen eer we antwoorden kunnen bieden. “

“Sprookjes zijn hard, daar zijn de keuzes heel scherp”

“De film probeert een ander geluid te zijn dan die actualiteitsmachine die de media zijn. Om een beetje afstand te nemen. Enerzijds hoop ik dat de mensen zin hebben om naar iets anders te kijken, anderzijds ga ik ze misschien afschrikken met wat ik vertel. De context is dat asielcentrum. Het punt is dat asielzoekers niet binnenkomen met het diee: ik ben asielzoeker. Nee, die komen binnen met het idee: ik ben die en die en ik hoop maar dat ik daar kan geraken. Het zijn uiteindelijk mensen, met bepaalde verlangens en dromen. Maar ja, sprookjes zijn hard. In die situatie zijn de keuzes heel scherp.”

Manu Riche en Dimitri Verhulst over Problemski Hotel

De film doet me qua thematiek denken aan het recente werk van Thomas Bidegain, denk aan zijn draaiboeken voor Dheepan en The Wakhan Front , en zijn debuutfilm Les Cowboys . Het raakt aan migratie en, vooral, identiteit. Het personage dat in de film het best functioneert, de hoofdpersoon Bipul, heeft geen probleem met zijn identiteit.

[Verbaasd:] Ik heb daar niet aan gedacht… Ik denk dat Bidegain een hele grote scenarist is. Ik denk dat Un prophète (Jacques Audiard, 2009) een van de sterkste films van de laatste tien jaar is. Daar gaat het ook over: hoe word je iemand, hoe transformeer je. Ik moet bekennen, zo heb ik er zelf nooit over gedacht. Ik moet zeggen dat de films van Jacques Audiard, Un prophète en De battre mon coeur s’est arrêté (2005), mij wel gemarkeerd hebben. Wat sterk is aan het werk van Audiard: de film start in de realiteit en die werkelijkheid probeert hij naar een ander niveau te brengen.”

Dimitri Verhulst vertelde dat er in het kerstsprookje ook een Sinterklaas voorkwam, maar die heeft het scherm niet gehaald…

“Niet omwille van de discussie rond Sinterklaas, maar de scène is in de montage gesneuveld. Niet vanwege de acteur, maar vanwege het evenwicht tussen realisme en surrealisme. Het moest kloppen. Het was ook een hele lange doorlopende scène ern ik heb die heel slecht geregisseerd. In ieder geval niet goed genoeg.”

De balans tussen realisme en surealisme dan wel absurdisme is heel delicaat. U heeft er wellicht ook op gelet dat de scènes gedraaid vanaf schouder worden afgewisseld met statische totaalshots?

“Het is het evenwicht tussen observeren, je moet in de situatie zijn, en tegelijkertijd ben je ook niet aanwezig. Dat was de moeilijkheid. Je ziet het het beste in de scène aan het begin, aan tafel waar we erin zitten maar tegelijkertijd ook eruit zitten. Dat is eigenlijk ook de blik van Bipul, de hoofdpersoon.”

Ik vond persoonlijk de running gag met de kerstboom heel leuk. Zijn ze er nu nog niet klaar mee?

“Het is natuurlijk het verhaal van de boom. Hij illustreet het verhaal en neemt er ook afstand van, want het is natuurlijk een slecht kerstverhaal, het zal ons niet doen wegdromen. Als er iets identiteit heeft in dit verhaal is het de kerstboom. Het was ook een manier om de absurditeit van het gebouw te tonen. En de absurditeit van het verhaal. En de absurditeit van onze mythes ook. Maar we hebben die mythes ook nodig, hè. We komen samen rond de boom. Het is nog steeds onze manier om via rituelen onze gemeenschap op te bouwen.”

Trailer Le Tout Nouveau Testament

In Nederland beleven we een golfje van Vlaamse films: onlangs Le Tout Noueau Testament , nu Problemski Hotel en Black , en gelijk daarop D‘Ardennen , en daarna volgen Belgica en Moonwalkers . Waarom is België op dit moment een bijzonder filmland?

“Een van de verklaringen is dat, zeker aan de Franstaloige kant, de beweging om met auteurs te werken – denk aan de gebroeders Dardennen en Jaco van Dormael – tien jaar voor Vlaanderen is begonnen. Met een heel gestructureerde aanpak en de gebroeders Dardennen zijn daar het boegbeeld van. Vlaanderen heeft zich daar op geïnspireerd en heeft op dit moment een goede aanpak van het Vlaamse filmfonds.”

De talenten waren er al, maar die kunnen nu bloeien omdat de infrastructuur er is?

“Die infrastructuur was nodig om de talenten te doen bloeien, dat zeker. Er is ook meer geld, dankzij de tax shelter. Maar er is ook meer ingezet op het doen groeien. Ik hoop dat men dat ook blijft doen, want het gevaar kan zijn dat de Oscars of Hollywood een streven wordt, en dan zijn we slecht bezig, naar mijn mening. De auteurscinema is iets van Europa. Ik denk ook dat Vlaanderen daar toch nog altijd achter hinkt. Ik denk dat de Vl;aamse literatuur al langer bezig is om kwaliteitsvolle auteurs af te leveren.

“Een Oscar kan nooit de reden zijn om films te maken”

“In cinema is het komende en het wordt goed ondersteunt, maar we zullen die vrijheid nog zeker tien, vijftien jaar moeten hebben, anders gaan die auteurs ook verdorren. We moeten in die auteurs blijven investeren. Soms komen daar goede films uit en soms minder goede. We moeten verhalen willen blijven vertellen die over iets gaan. We moeten niet te hoog van de toren blazen. We staan nog maar aan het begin van iets.”

Dimitri Verhulst waarschuwde al voor zelfgenoegzaamheid.

“Dat denk ik ook. Daar moeten we echt mee opletten. Een Oscar of een nominatie kan nooit de reden zijn om films te maken. Ik hoop dat de auteurs sterk genoeg zijn om dat in te zien.”

Ik heb begrepen dat u uw ideeën heeft over de mediasamenleving waarin we leven. Ik zou zeggen, steek van wal.

“Ik heb vrij veel documentaires gemaakt die proberen te achterhalen waar de macht zit [Hoge Bomen ] en heel vaak hebben de media de macht overgenomen. Daar moeten we een tegenwicht tegen bieden. Ben ik tegen media? Nee toch. De media worden op hun beurt gemanipuleerd door het bedrijfsleven en de politiek. Het gaat om die wisselwerking, hoe de media een spreekbuis worden voor bepaalde groepen. En meestal de machtige groepen. Daarom moeten we dit soort films blijven maken en dit soort boeken blijven schrijven, zodat je altijd een afstand kunt blijven bouwen tot de mainstream. Er worden steeds groepen gecreëerd, dus is het heel moeilijk om een individuele stem te hebben.”

Vandaar het belang van auteurs.

“Voila.”

Trailer Problemski Hotel

Meer

 

 

 

 

Als je het hebt over muziek, cultuur en technologie, heb je het over Alfred Bos. Al sinds 1977 publiceert deze kritische copywriting veteraan over deze onderwerpen in bladen en kranten als NRC Handelsblad en Elsevier. Ook bedacht en redigeerde hij in 1995 al het allereerste webzine-met-sound ter wereld. Onlangs schreef hij nog bijdragen voor het toonaangevende Mary Go Wild, over de geschiedenis van de Nederlandse dance.

Geef als eerste reactie