Wollige logica voor harde problemen

Wollige logica kiest niet tussen waar (1) of niet waar (0). Leer computers werken met wollige logica en de digitale assistent is een stap dichterbij gekomen.

Kunstmatige intelligentie verslaat ervaren piloot in virtueel luchtgevecht, kopte het nieuwsbericht. Dat bericht was gebaseerd op een publicatie van het Amerikaanse tijdschrift Journal of Defense Management. Daarin wordt bericht over een doorbraak in het onderzoek naar kunstmatige intelligentie (AI) die gebruik maakt van fuzzy logic, oftewel wollige logica.

Wat is wollige logica? Dat is de logica die niet zegt: dit is waar of niet-waar, maar zegt: dit is een beetje waar, en aan dat beetje een gewogen waarde toekent. De kamertemperatuur is 19 graden, twee minder dan de gewenste 21 graden, dus het is een beetje koud. De thermostaat doet de verwarming een beetje aan, net genoeg om de kamer op te warmen tot 21 graden. Dat lukt dankzij wollige logica.

Wollige logica is een krachtig hulpmiddel om te koersen tussen waar (1) en niet-waar (0). Het kan uit de voeten met waarden tussen 1 en 0, met een beetje waar of een beetje niet-waar. Dat is de manier waarop mensen denken—wollig. Machines ‘denken’ logisch. Wollige logica is een manier om machines te laten kiezen zoals mensen beslissingen nemen. Het is een methode om de reactie op variabele standaardsituaties te automatiseren, situaties met een beperkt (niet-oneindig) speelveld en een beperkt (niet-oneindig) aantal reacties.

Die situaties kunnen eenvoudig zijn, zoals de gewenste temperatuur van de woonkomer die door de thermostaat wordt geregeld met behulp van wollige logica. Ze kunnen ook complex zijn, zoals in het voorbeeld van de ervaren piloot in gevecht met een virtuele tegenstander, de simulator. Maar hoe complex ook, het bord is beperkt en het aantal mogelijke zetten is dat eveneens.

Wollige logica: een introductie

Schaakbord in de lucht

Ervaren piloot verslagen door kunstmatige intelligentie, dat klinkt nogal dramatisch. Dat drama wordt door de piloot nog eens aangedikt wanneer hij spreekt over “de meest agressieve, snelst reagerende, dynamische en geloofwaardige kunstmatige intelligentie” waartegen hij heeft gespeeld. Je bent geneigd te denken: de tijden dat jongens ervan droomden om straaljager piloot te worden zijn voorbij. Dat vak heeft geen toekomst meer.

Maar dat is te snel gedacht. De piloot in kwestie is verslagen door een veredelde thermostaat, niet door het slimme broertje van Robocop of de Terminator. Bij deze “meest agressieve, snelst reagerende, dynamische en geloofwaardige kunstmatige intelligentie” passen een paar kantekeningen.

Het luchtgevecht tussen twee supersonische straaljagers mag een fysiek en technisch hoogstandje zijn, het is een geëxtrapoleerde variant van het schaakspel. Weliswaar een stuk complexer, zo heeft dit ‘bord’ drie dimensies, maar het is niettemin begrensd. Door de natuurwetten bijvoorbeeld.

De fysieke krachten die werken op het vliegtuig in actie beperken de bewegingsvrijheid van de piloot. Hij kan niet in 0,2 seconden versnellen van 600 km/uur naar Mach 3 (driemaal de geluidssnelheid, zo’n 3600 km/uur), noch van 600 km/uur terugschakelen naar 0. Ook kan de piloot met zijn straaljager geen rechte of scherpe hoeken maken. Zijn speelveld is beperkt. Dat geeft de AI en de wollige logica van zijn leervermogen een kans tegen de piloot.

Joint Strike Fighter Simulator

Gestileerde werkelijkheid

Die kansen worden groter naarmate de piloot vaker speelt tegen de AI. Die leert van zijn fouten en van zijn tegenstander. Dat leervermogen is de ‘intelligentie’ van de AI. De Chinese krijgsheer Sun Tzu, auteur van De kunst van het oorlogvoeren, wist het al: ken uw vijand. Daar doet de AI ook zijn voordeel mee. Hoe beter hij de piloot kent, hoe beter hij diens gedrag kent en daarop kan anticiperen.Een aspect dat het nieuwsbericht en het artikel uit het Amerikaanse tijdschrift onder het tapijt vegen is niet alleen een wezenlijke vraag, het is de wezensvraag: in hoeverre is een simulatie een exacte kopie van de werkelijkheid?

De simulatie is een gestileerde versie van de werkelijkheid, nooit een exacte kopie. Het is een abstractie van de realiteit, de ontwerpers van de simulatie hebben keuzes gemaakt. De simulatie mag echt lijken, het is namaak. En namaak heeft zijn beperkingen, al worden die in demonstraties voor klanten uiteraard zelden tot nooit getoond, laat staan benadrukt.

Digital Computer Simulator Word 2.0

Digitale assistent

De AI uit het krantenbericht vertegenwoordigd de laatste stand van het onderzoek naar kunstmatige intelligentie en kan draaien op een Raspberri Pi – de Lego onder de computers – van een paar tientjes. Dat maakt duidelijk dat we praten over een AI op het niveau van een schaakcomputer. Het zegt ook iets over de stand van het AI-onderzoek. Het zelflerende superbrein is nog ver weg.

Als deze AI echt zo goed is, waarom zitten er dan nog piloten in jet fighters? Dat klinkt als een grapje, maar die vraag opent een blik met wormen. Willen we ‘intelligente’ machines die zelfstandig beslissen over leven en dood? Als we dat niet willen, dan zullen er nooit straaljagers zonder piloot rondvliegen. Tenzij ze zijn ‘gecastreerd’, de wapensystemen uitgeschakeld.

Piloten zijn een stuk creatiever dan de simulaties waartegen ze oefenen. Piloten kunnen buiten het kader denken; AI’s kunnen niet denken en al helemaal niet afwijken van hun protocol. Maar die veredelde thermostaten zijn wel ergens goed voor, als digitale assistent van de piloot bijvoorbeeld. Zo zet je technologie optimaal in: niet als vervanger van de mens, maar als aanvulling op de mens.

De digitale assistent leert van de samenwerking en aldus worden mens en AI een team. Zo krijgt wollige logica – het is beeldspraak, dus niet-logisch – een gezicht.

10 realistische PC vechtvliegtuig simulatoren

Als je het hebt over muziek, cultuur en technologie, heb je het over Alfred Bos. Al sinds 1977 publiceert deze kritische copywriting veteraan over deze onderwerpen in bladen en kranten als NRC Handelsblad en Elsevier. Ook bedacht en redigeerde hij in 1995 al het allereerste webzine-met-sound ter wereld. Onlangs schreef hij nog bijdragen voor het toonaangevende Mary Go Wild, over de geschiedenis van de Nederlandse dance.

Geef als eerste reactie