In São Paulo zoenen alle meisjes met elkaar

Anna Muylaert is de regisseur van Don’t Call Me Son en The Second Mother. In haar woonplaats São Paulo ziet ze de zeden veranderen.

Regisseur Anna Muylaert (São Paulo, 1964) is goed bekend met het internationale filmfestivalcircuit. Sinds haar debuutfilm Durval Discos in 2002 verscheen, haalde ze onderscheidingen op in Berlijn, Göteborg, Lima, Ljubljana, Torino, het RiverRun International Film Festival in North Carolina (VS), Robert Redfords Sundance Fastival en een half dozijn filmfestivals in haar thuisland.

Vandaag is Muylaert in Amsterdam, als gast van het World Cinema Amsterdam festival, waar haar nieuwste, Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma), draait. “Ik vind het heerlijk in Amsterdam,” zegt ze achter een kop koffie, terwijl ze uitkijkt over de chaos van de Amsterdamse Pijp. “Ik kom uit São Paulo. Dat is totaal verschillend: auto’s, drukte. São Paulo is een harde stad. Amsterdam is veel meer ontspannen.”

Muylaert is voor het tweede opeenvolgende jaar aanwezig tijdens World Cinema Amsterdam. Haar vorige film, The Second Mother (Que Horas Ela Volta?),werd onderscheiden met de WCA-Publieksprijs, wat de opmaat vormde voor een succesvolle vertoning in de Nederlandse filmhuizen.

Ook haar laatste film, Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma), is gedraaid naar een zelfgeschreven scenario. Muylaert begon als schrijfster, van kinderboeken. Daarvoor was ze lerares en filmcriticus. Voor de Braziliaanse televisie maakte ze kinderprogramma’s en schreef ze verschillende series en tv-films.

Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma), haar vijfde speelfilm, is een emancipatiefilm met als thema identiteit. Pierre, gespeeld door de debuterende Naomi Nero, is een 17-jarige scholier in Săo Paolo die in een dubbele identiteitscrisis verkeert. Hij vrijt met meisjes en zoent met jongens, en hult zich in vrouwenkleren. Uit het niets komt het nieuws dat zijn moeder hem en zijn zusje als baby heeft gestolen. Bij zijn biologische ouders voelt Pierre zich volkomen misplaats, zijn nieuwe moeder (die zijn echte moeder is) noemt hem Felipe. Hij rebelleert op de enige manier die hij kent.

Trailer Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma)

“Dat verhaal gaf me een metafoor voor wat er met je gebeurt als je tiener bent,” zegt Muylaert. “Je hebt een fijne moeder die van je houdt en alles is perfect. Dan gebeurt er iets: je blijkt een tweede familie te hebben. Daar heb je minder vrijheid, sta je meer onder toezicht. Dus op het moment dat de jongen probeert zichzelf te zijn, verandert alles. Het verhaal is een metafoor voor iedereen die in zo’n moment verkeert. De film werpt ook de vraag op: moet ik kiezen voor mezelf en mijn ouders teleurstellen, of kies ik voor hen en maak ik mezelf ongelukkig. Die keuze moeten we allemaal iedere dag van ons leven maken. Dat is het hart van de film: voor wie kies je? Voor jezelf of voor anderen?”

Wat zou u kiezen als u in de schoenen van Pierre/Felipe stond?

“Ik zou het niet weten, want zijn situatie is nogal extreem. In het dagelijkse leven probeer ik natuurlijk mezelf te respecteren. Maar soms raak je in de war. En iedere keer als je kiest voor de ander, word je genaaid (lacht). Je kunt iets voor anderen doen omdat jij dat wilt. Je kunt ook iets voor anderen doen omdat zij dat willen. Maar er zijn voor anderen zit in ons hart. Vooral moeders (lacht).”

De hoofdpersoon van uw nieuwe film is een jonge man. Zou de film ook mogelijk zijn met een vrouwelijk hoofdpersonage?

“Ja, dat zou kunnen. Maar ik wilde het er vooral hebben over dat mannen meer moeten leren om hun vrouwelijke kant te tonen. Dat is belangrijker dan te praten over vrouwen die meer hun mannelijke kant moeten laten zien, want dat hebben we al lang gedaan. Vrouwen zijn al mannelijk en vrouwelijk. Mannen zijn nog steeds aan het leren hoe ze vrouwelijk kunnen zijn.”

Daar wil ik meer over horen.

“Sinds de jaren zestig werken vrouwen buiten de deur. De vrouwen hebben hun mannelijke kant ontwikkeld, in spirituele zin.”

Ah, dus mannen moeten leren verzorgen.

“Verzorgen. Kijken. Mediteren. Luisteren.”

Communiceren.

“Wat iets anders is dan praten. Mannen doen, neuken, hebben. Vrouwelijk betekent niet-hebben, stil zijn. Die twee moet je met elkaar in evenwicht brengen. Vrouwen doen dat meer.  Onze oma’s verzorgden onze opa’s en dat is veranderd. Dat is goed. De maatschappij heeft die verandering nodig, de planeet heeft die verandering nodig.”

Al draagt de hoofdpersoon soms een jurk, hij bezondigt zich ook aan klassiek mannelijk gedrag. Als hij thuiskomt en honger heeft, vraagt hij aan zijn zusje iets te eten klaar te maken.

“Klopt, in Brazilië schreef iemand: ‘damesondergoed dragen is makkelijk, laat zien dat je een ei kunt bakken’. We leven in een transitiemoment. Niets is klaar of af. Alles verandert. En wij zullen moeten meeveranderen.”

Uit wat ik zie, hoor en lees maak ik op dat Brazilië nog steeds een macho samenleving is. Is het thema van uw film in dat opzicht ‘typisch Braziliaans’?

“Crossdressing – mannen die vrouwenkleren dragen en andersom – is voor de huidige generatie jongeren tussen de 15 en 20 jaar in Brazilië heel normaal. Dat is nieuw, dus de ouders zijn er nog niet klaar voor. Mijn acteur, Naomi, heeft een broer die tijdens de filmopnamen zijn zus is geworden. Pedro is nu Nicole, dat proces duurde twee jaar. Naomi zag zijn oudere broer tegen zijn vader zeggen dat hij een vrouw wilde worden. Zijn broer heeft ook daadwerkelijk een geslachtsoperatie ondergaan. Dat gebeurde in het echt, niet in de film. We hadden dus veel materiaal. Op die manier kon Naomi input geven, hij had de thematiek van de film van nabij meegemaakt. De tekst van de confrontatie met zijn biologische ouders, tegen het einde van de film, is van hemzelf.”

Dat was het eerste moment in de film dat hij spreekt.

“En hij spreekt zo goed. Het is zo krachtig. Op dat moment wordt hij geboren. Daarvoor was hij dood.”

Het interessante van zijn personage is dat hij niet alleen verward is over zijn seksuele identiteit, maar ook over zijn biologische: wie zijn eigenlijk mijn ouders?

“Had je door dat zijn opvoedmoeder en zijn biologische moeder door dezelfde actrice wordt gespeeld?”

Actrice Daniele Nefussi – die eerder te zien was in Muylaerts film É Proibido Fumar (Verboden te roken) uit 2009 – vertolkt beide moeders, Aracy en Glória. Waarom heeft ze daarvoor gekozen?

Trailer É Proibido Fumar (Verboden te roken)

Dat is een metafoor. Het is altijd dezelfde moeder. Ook al ga je jaren in therapie, om de manier waarop je door je moeder bent geprogrammeerd aan te passen, van Tokio tot Brazilië vind je dezelfde moeder. De moeder is iets wat we moeten leren afzetten in onszelf.”

Er zit tussen het opvoedgezin en het gezin van de biologische ouders een klasseverschil, waarvan de betekenis mij als Nederlandse kijker niet helemaal duidelijk is. Kunt u iets meer vertellen over de rol van sociale klasse in de Braziliaanse samenleving?

“Mijn vorige film, The Second Mother, gaat daar over. Je hebt de rijke blanke mensen, die naar school en de universiteit gaan en een scale aan mogelijkheden hebben. Dat is zo’n vijf procent van de bevolking. Tien procent is wat men noemt middenklasse. En de rest is arm, en vaak zwart. Als een man van de arbeidersklasse te kennen geeft dat hij transseksueel wil worden, kan dat betekenen: geld, een nieuwe koelkast. Travestieten zijn in Brazilië van oudsher prostituees. Daarom wordt transseksualiteit in de lagere klassen meer geaccepteerd dan door de upperclass. Daar betekent het vooral problemen. Dat is aan het veranderen.”

Hoe?

“Ook in de upperclass raakt transseksualiteit meer geaccepteerd. Ze gaan jurken dragen. Ze laten zich opereren. Meisjes van 15, 16 jaar oud vrijen nu zowel met jongens als meisjes, en niet een of twee meisjes maar allemaal. Dat betekent niet dat ze lesbisch zijn, zo zien ze het zelf niet. Er zijn er genoeg die later kinderen willen. Dat gebeurt nu, het is een recente ontwikkeling. Ten minste, dat is wat ik zie in São Paulo. Misschien gebeurt het alleen daar. São Paolo is cultureel verder ontwikkeld dan de rest van Brazilië. Het is een metropool.”

De hoofdrolspeler, Naomi Nero, is een debutant. Hoe heeft u hem gevonden?

“Hij studeerde theater en iemand vertelde me over hem. We waren wanhopig op zoek naar iemand die die rol zou kunnen spelen en we konden niemand vinden. Hij kwam langs en bleek mager te zijn en een vrouwelijke energie te hebben.”

Heeft hij tegen u verteld wat hij over zijn personage dacht?

“Nee, ik heb hem eigenlijk nauwelijks leren kennen.”

Na afloop van de film vroeg ik me af: wat is er met zijn zusje gebeurd?

“Dat vragen meer mensen zich af. Ik weet niet wat er met haar is gebeurd. Ze is waarschijnlijk naar een nieuw gezin gegaan. De film is gebaseerd op een waar gebeurd verhaal. In werkelijkheid ging het om drie kinderen, twee zusjes en een broer. Dat is gebeurd in de jaren negentig. In Brazilië is het een geruchtmakende zaak. Maar je vraag is een logische vraag. Ze zullen elkaar ongetwijfeld weer zien, ooit.”

Trailer The Second Mother (Que Horas Ela Volta?)

Met uw vorige film, The Second Mother, bent u doorgebroken in het internationale arthouse circuit. Hoe heeft dat u leven als regisseur veranderd?

“Als ik eerlijk mag zijn, na het succes van mijn vorige film heb ik niet meer gewerkt. Ik reis de wereld rond en geef interviews. Ik heb alleen deze nieuwe film gemonteerd; die is gedraaid voor dit allemaal gebeurde. Na Amsterdam ga ik nog naar Canada en daarna terug naar Brazilië om te schrijven. Maar eerst eens goed uitrusten en terugkeren naar mijn eigen stille centrum. Mijn dagelijkse leven is behoorlijk veranderd, maar alle opwinding zal een beetje moeten ebben.”

Dus het succes maakt het u lastig om films te maken?

“Ik geef iedere film die ik maak één jaar voor promotie. Dat hoort bij het werk. Na dat jaar sluit ik het af. Maar omdat het nu over twee films tegelijk gaat, duurde die promotieperiode anderhalf jaar.”

Het succes maakt het wellicht ook makkelijker om de volgende film te financieren. Hoe is de situatie voor onafhankelijke filmmakers in Brazilië?

“Er zijn publieke fondsen, waarvoor je een subsidieaanvraag indient. Soms wordt het verzoek gehonoreerd, soms niet. Maar op dit moment verkeert Brazilië in een precaire situatie. De democratisch gekozen leider [presidente Dilma Rousseff] is via een verkapte coup afgezet en nu is het land een kleptocratie. De corrupte politici hebben de presidente beschuldigt van corruptie. Daar zijn geen bewijzen voor, terwijl er veel bewijs is dat de beschuldigers zelf corrupt zijn. Het is onduidelijk welke gevolgen dat zal hebben voor filmmakers.”

“Het is goed mogelijk dat ik voor mijn volgende film ook in Europa op zoek ga naar geld. Maar eerst moet ik lang slapen. En daarna het lege vel papier confronteren. Een producer is geïnteresseerd om van mijn volgende film ook een tv-serie te maken. Normaal gesproken verschijnt eerst de film en daarna de serie, maar in dit geval willen ze eerst de serie. Wat betekent dat er geen film zal zijn. Ik moet kiezen en daar ben ik nog niet uit.”

Durval Discos (2002) zonder ondertitels

Als je het hebt over muziek, cultuur en technologie, heb je het over Alfred Bos. Al sinds 1977 publiceert deze kritische copywriting veteraan over deze onderwerpen in bladen en kranten als NRC Handelsblad en Elsevier. Ook bedacht en redigeerde hij in 1995 al het allereerste webzine-met-sound ter wereld. Onlangs schreef hij nog bijdragen voor het toonaangevende Mary Go Wild, over de geschiedenis van de Nederlandse dance.

Geef als eerste reactie